Persbericht Ondernemers Boekelermeer: TAQA manipuleert vergunningaanvraag, met steun van ministerie

Stichting Beheerschap Boekelermeer

PERSBERICHT ONDERNEMERS BOEKELERMEER

TAQA manipuleert vergunningaanvraag, met steun van ministerie

Alkmaar, 28 maart 2011 – Stichting Beheerschap Boekelermeer (SBB), de belangenbehartiger van de bedrijven in de Boekelermeer, heeft na onderzoek geconstateerd dat TAQA en het ministerie van Economische zaken, Landbouw en Innovatie (ELI) het niet zo nauw nemen met de letter en intentie van de Nederlandse wetgeving. Bij de milieueffectrapportage (MER) en de vergunningaanvraag voor de gasopslag in de Bergermeer is aantoonbaar gemanipuleerd met de feiten.

Het ministerie van ELI is van mening dat Nederland snel de gasrotonde van Europa moet worden. Daarom wil ELI via een rijksinpassingsplan (RIP) het besluitvormingsproces voor gasopslag versnellen en zo het verzet van gemeenten omzeilen.

Tijdnood voor TAQA

Snelheid is ook geboden voor TAQA, de partij die de gasopslag in de Bergermeer wil aanleggen en daartoe bij het ministerie een vergunningaanvraag heeft ingediend. TAQA denkt dat een industriële gasfabriek in het Bergense landschap politiek niet haalbaar is, ondanks de steun van het RIP. Daarom kiest TAQA voor gasputten in de Bergermeer (op de plaats van een oude gaswinlocatie) en een gasopwerkingsfabriek op het bedrijventerrein Boekelermeer in Alkmaar. Tijdverlies in de, door het RIP al sterk ingekorte, procedure kan TAQA zich niet veroorloven, omdat de contracten voor levering van Russisch gas al zijn gesloten.

SBB: vestig gasopwerkingsfabriek (en putten) op MOB-terrein

SBB heeft onderzoek laten uitvoeren naar de stortvloed aan documenten die samenhangen met de vergunningaanvraag. Dit heeft geleid tot een zienswijze waaruit blijkt dat vestiging van de gasopwerkingsfabriek op het MOB-terrein veel beter scoort dan op het bedrijventerrein Boekelermeer. SBB heeft ondermeer tot doel om de Boekelermeer duurzaam te houden en pleit dan ook voor vestiging van TAQA op het MOB terrein. SBB mocht niet deelnemen aan de hoorzitting op 9 februari in de Tweede Kamer. Daarom komt de stichting met dit persbericht waarin de strekking van de zienswijze van SBB kort is samengevat.

MOB is milieuvriendelijkste alternatief

Uit een studie naar de milieueffecten blijkt dat het MOB-terrein (een gesloten en verlaten militair complex op de grens van Bergen en Alkmaar) het meest milieuvriendelijke alternatief (MMA) is, omdat daar gasputten met gasopwerking te combineren zijn. De door TAQA aangewezen locaties zijn dus niet de optimale locaties.

TAQA heeft er echter niet voor gekozen de MOB-optie serieus te overwegen. Uit de enorme hoeveelheid achtergrondrapporten zijn alleen de positieve punten overgenomen in de vergunningaanvraag; de negatieve aspecten zijn achterwege gelaten.

Feiten uit de zienswijze

Stichting Beheerschap Boekelermeer heeft opdracht gegeven om alle achtergrondrapporten te bestuderen, om vervolgens het MER, de vergunningaanvraag en het ontwerp-RIP te toetsen. De volgende feiten zijn geconstateerd:

  • Er is onvolledige informatie in het ontwerp-RIP opgenomen. De conclusies van de uitgevoerde onderzoeken zijn niet of niet volledig overgenomen. Daarnaast wordt zwaar geleund op het rapport van SGS Horizon om de keuze voor Bergermeer te verantwoorden. Dit rapport is niet objectief en bovendien foutief en slordig opgesteld. Het is geschreven nadat de MER was beoordeeld en is zodoende ook nooit beoordeeld door de commissie-MER. Dit rapport had niet als basis gebruikt mogen worden voor het ontwerp-RIP.
  • De gasopwerkingsfabriek in de Boekelermeer is in het MER onterecht als MMA beoordeeld. De geïntegreerde plaatsing van de putten en de gasopwerkingsfabriek op het MOB-terrein is juist MMA!. Maar deze locatie is niet gekozen door TAQA. Dit afwijken van MMA mag, onder de voorwaarde dat deze afwijking deugdelijk gemotiveerd wordt. Deze motivatie rammelt echter.
  • De MER en het ontwerp-RIP zijn misleidend. In zowel het ontwerp-RIP, als de MER zijn de conclusies van achtergrondrapporten niet juist en/of onvolledig weergegeven, ten voordele van de door TAQA gewenste vestigingslocaties. De MER is daarom geen objectief document te noemen.
  • Er zijn in de procedure fouten gemaakt die in strijd zijn met de wet. De MER is voorzien van twee aanvullingen die pas ter inzage zijn gelegd toen de ontwerpbeschikking ter inzage is gelegd. Dit is in strijd met de Wet milieubeheer (Wm).
  • TAQA en het ministerie van ELI hebben oneigenlijk gebruik gemaakt van de Mijnbouwwet.
    In het hele traject van het door TAQA gedane “verzoek om instemming wijziging opslagplan Bergermeer” blijkt dat systematisch naar een gewenste situatie wordt toegewerkt. Dat er in 2007 al een verzoek tot instemming met een opslagplan is ingediend, en dat vervolgens in 2008 een verzoek tot wijziging van het instemmingsbesluit op het opslagplan wordt gedaan, komt TAQA en het ministerie van ELI goed uit. Deze twee partijen zijn duidelijk van mening dat op grond van de Mijnbouwwet, de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing is op wijzigingen van een opslagplan. Een besluit tot opslag zou dan zonder inspraakprocedure kunnen worden genomen.
    De Mijnbouwwet is echter niet bedoeld om door middel van een gewijzigd besluit op een eerder opslagplan allerhande ingrijpende wijzigingen door te voeren, zodanig dat het oude opslagplan hierin nauwelijks meer te herkennen is. Tevens is het niet de bedoeling van de wet om belanghebbenden zonder meer te passeren.
  • Het ministerie en de provincie Noord-Holland hebben verschillende aanvragen ontvangen van TAQA. Hierdoor is onduidelijk op welke documenten de Wm-ontwerp­beschikkingen zijn gebaseerd en hebben de verschillende getallen in de Wm vergunningaanvraag een onduidelijke afkomst.
  • De Wm-ontwerpbeschikking is niet gebaseerd op recente informatie en hiermee in strijd met de Algemene wet bestuursrecht. Er zijn in totaal vier (!) veiligheidstudies uitgevoerd. Helaas baseert de ontwerp-WM-beschikking zich niet op de meest recente veiligheidsstudies.

Bezwaarschriften

Kortom, TAQA en EZ nemen het niet zo nauw met de letter en intentie van de Nederlandse wetgeving.
Het onderzoeksresultaat is schokkend. Een verkorte procedure (RIP door ministerie van ELI) gecombineerd met een gemanipuleerde MER en vergunningaanvraag (TAQA), moet Bergense burgers en Alkmaarse ondernemers overtuigen. Er zijn 240 zienswijzen ingediend namens 2760 mensen/instanties”). Er zal nog heel wat uitgelegd moeten worden.

On April 1st, 2011, posted in: NIEUWS

Leave a Reply